ZEG MAAR MAMMA

Een boek van Fred van Zuiden

In ’Zeg maar mamma’ beschrijft de auteur zijn eigen ervaringen; de eenzaamheid van een joodse jongen die op 12-jarige leeftijd moest onderduiken. Gescheiden van familie brengt hij bijna drie jaar door op 26 verschillende adressen. Fred van Zuiden draagt zijn boek op aan schuilplaatsverleners.

Hoe een Nederlandse jongen de Tweede Wereldoorlog overleefde

Fred van Zuiden was negen toen de Duitsers in 1940 Nederland binnenvielen. Na twee jaar waarin de situatie steeds slechter werd, doken hij en zijn familie op verschillende plaatsen onder. Toen de oorlog in 1945 afgelopen was, had hij op zesentwintig adressen onderdak gevonden, en de beste en de slechtste kanten van de menselijke natuur ervaren.

Dit boek is zijn eerlijke en onopgesmukte verslag van die jaren, over angstige confrontaties met de Gestapo, vliegtuigen die op weg naar Arnhem om hem heen neerstorten en een spannende sprint door niemandsland.

Hij vertelt over andere onderduikers die hem met hun galgenhumor bij zijn verstand hielden, heldhaftige mensen van het verzet, onbaatzuchtige mannen die schuilplaatsen voor hem regelden, en gewone Nederlanders die hun levens riskeerden om hem te redden. Dit boek is een eerbetoon aan hen allemaal, maar vooral aan zijn vele “mamma’s”.

Ik kroop terug over de losse planken, op zoek naar een kier zodat ik op de begane grond van de schuur kon kijken. Ik werd zo duizelig door de schok, dat ik bang was om flauw te vallen. Vijftien centimeter onder me was een hoofd met donker haar vol Brylcreem. Ik bleef doodstil liggen en hield mijn adem in, terwijl ik elk moment verwachtte dat de man zou opkijken. Ik kon hem bijna horen schreeuwen dat ik naar beneden moest komen.

De vliegtuigen waren nu zo dichtbij dat ik de mannen in de deuropening kon zien staan. Sommigen zwaaiden zelfs naar me. Ik bad in stilte dat ze zouden overleven.

ISBN 978-94-6228-026-7 | € 14,95 (excl. verzendkosten)